Een Zen-monnik liep eens met zijn meester te wandelen door de tuin van hun klooster.
De novice vroeg: “Meester, wanneer bereikte u voor het eerst Verlichting?”.
De meester antwoordde: “Dat is grappig, dat je dat vraagt: ik liep, net als nu, door de tuin te wandelen, toen ik mijn scheenbeen aan een rotsblok stootte. Het volgende moment bereikte ik Verlichting!”.
Na het avondeten merkt de meester opeens, dat zijn discipel verdwenen is.
Hij loopt de tuin in en ziet de novice daar: zijn scheenbeen tot bloedens toe aan een rotsblok stotend!